Cluster 'Het Noorderlicht'
l STARTPAGINA I WELKOM I VIPS I EXTRA NIEUWS I
I KORPS DELFZIJL I KORPS STADSKANAAL/NW. BUINEN I WINSCHOTEN/PEKELA I
I INFORMATIE I GELOOFSBELIJDENIS I KORPSKRANT I GASTENBOEK I LINKS + ADRESSEN I E-CARDS I
I BIJBELQUIZ/SPELLEN/PROGRAMMA'S I WELZIJNS- EN GEZONDHEIDSZORG I
_________________________________________________________________________________________
7 KRUISWOORDEN
![]()
De “7 kruiswoorden” noemde Jezus vanaf het kruis. De kruiswoorden van Jezus
waren hartenkreten. Jezus’ woorden zijn wegwijzers voor persoonlijk en geestelijk leven.
De 7 kruiswoorden staan in verschillende evangeliën opgeschreven.
Stervend heeft Jezus nog steeds woorden van eeuwig leven.
Het zijn tegelijk woorden van zorg voor de mensen die er bij waren,
lijdenskreten, woorden van verzoening.
1e Kruiswoord (Lucas 23:34)
‘Schedel’ of ‘Golgotha’ heette die plaats. Daar werden ze alle drie gekruisigd.
Jezus in het midden en de twee misdadigers aan weerszijden van Hem.
“Vader”, zei Jezus, “vergeef het deze mensen. Zij weten niet wat ze doen.”
2e Kruiswoord (Lucus. 23:43)
Eén van de misdadigers die naast Hem hing, zei spottend:
“Zo, U ben dus de Christus? Bewijs dat eens.
Red Uzelf en ons. maar de ander snoerde hem de mond.
“Heb je nu nog geen ontzag voor God, zo vlak voor de dood?
Wij krijgen ons verdiende loon, maar deze Man heeft niets verkeerds gedaan.”
Hij zei tegen Jezus: “Jezus, denk aan mij als U in Uw koninkrijk komt.”
Jezus antwoordde: “Vandaag zult u met Mij in het paradijs zijn.
Daar kunt u zeker van zijn.”
3e Kruiswoord (Johannes 19:26 en 27)
Jezus’ moeder stond met haar zuster, Maria van Kleopas en Maria van
Magdala bij het kruis. Jezus zag Zijn moeder staan bij Johannes, Zijn beste vriend.
“Kijk, hij is uw zoon”, zei Hij tegen haar.
En tegen Johannes zei Hij “Zij is uw moeder.”
Van toen af aan nam Johannes haar bij zich in huis.4e Kruiswoord (Mattheüs 27:46)
Van twaalf tot drie uur hing er een dichte duisternis over het hele land.
Om ongeveer drie uur riep Jezus: “Eli, Eli. lama sabachtani?” Dat betekent: “Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten?”
5e Kruiswoord (Johannes 19:28)
Jezus wist dat het nu allemaal achter de rug was en zei, zoals er geschreven staat: “Ik heb dorst.”
6e Kruiswoord (Johannes 19:28)
Eén van de soldaten doopte een spons in een kan met zure wijn. Hij stak die op een stok en hield hem bij Jezus’ mond.
Toen Jezus wat van de wijn gedronken had, zei Hij: “Mijn taak is vervuld, het is volbracht.” Hij boog Zijn hoofd en gaf Zijn geest over.
7e Kruiswoord (Lucas 23:46)
Tegen de middag werd in het hele land donker. Dat duurde tot een uur of drie. Het zonlicht was weg.
Plotseling scheurde het zware gordijn in de tempel doormidden. Op dat moment riep Jezus: “Vader, Ik vertrouw mijn geest aan U toe!”
En met die woorden blies Hij Zijn laatste adem uit.
Vertaling: Het boek. < Terug >